Een ONK met de Olympiajol op Grevelingen varen is een vaste waarde. Op dit prachtige, ruime en toch beschutte zoute water voeren we nu voor de derde keer. En wederom werd het een heerlijk evenement!
Het startveld met 46 inschrijvingen was voor een Open Nederlands Kampioenschap wat aan de kleinere kant. Maar natuurlijk, de wedstrijdvloot was net terug van de EURO in Como. Echter, wat was het startveld breed en sterk. Een enkele Duitse topper kon het niet inpassen, maar werkelijk de sterkste mannen uit ons land, Duitsland, Oostenrijk en België reden op woensdag 23 september hun trailers de jachthaven van Port Zelande binnen. We hadden er zin in! Want ook de na-zomer weersverwachting zat mee. Heerlijk weer en toch voldoende wind!
De uitrustingscontrole ging vlekkeloos! Dit keer kwamen de zeilen aan de orde. Daar was al enige onrust onder de zeilers: iedereen heeft begrip voor een deugdelijke controle van boten en uitrusting. Maar wanneer je zeil niet goed is, weet je dat als zeiler eigenlijk niet. Natuurlijk blijf je eindverantwoordelijk, maar wie gaat het vernaaien om ervoor te zorgen dat je alsnog kan starten? Het bleek allemaal de bekende uitdrukking waardig: ‘je lijdt het meest onder het lijden dat je vreest’.
Het goed ingewerkte team van onze eigen controleurs, onder leiding van de waardevolle J.J. Korpershoek, had het uitstekend opgezet. Met gezwinde spoed verdween de vrees die leefde. Onze zeilmakers verstaan hun vak! Een enkeling zocht de grens op, maar iedere Olympiajol-zeilmaker voldeed aan de regels. Mooi: dat is ook weer afgevinkt! En dan kon het beginnen.
Niet zonder de eerste sociale en bourgondische omhelzingen tussen de deelnemers, partners en de weldadig vloeiende versnaperingen. Er waren zeilers die stevig aan hun kater begonnen te werken , maar het weerzien werd er niet minder gezellig om. We kennen elkaar goed, er is veel onderling respect en nog meer gezelligheid. Zoals onze Duitse vrienden al verzuchtten: wat is het eigenlijk ook een prachtige internationale ontmoeting met je goede zeilmaten. Tijd om ’die andere ellende’ eens echt op te lossen en te vergeten!
Dus kon er, al dan niet met een duf hoofd, op donderdag gestart worden. De windverwachting was minder rooskleurig dan de zonverwachting. Maar de van de Spiegelplas ingevlogen wedstrijdleider Rob Beemster, die die ochtend voor het eerst zijn team, materiaal en wedstrijdwater ontmoette, slaagde er toch in om drie races te starten. Het viel niet mee; de wind draaide en keerde, zakte af en kwam weer terug. De tonnen lagen dus altijd kritisch of soms niet helemaal goed. Er werden veel pogingen gedaan om die energieke en enthousiaste stuurmannen goed over de startlijn te krijgen. Uiteindelijk werd het beste gemaakt van de lastige omstandigheden en kon er een eerlijke strijd ontvouwen.
En als het moeilijk wordt, moet je kunnen terugvallen op veel ervaring, zo moet Ton op de Weegh hebben gedacht. Lichtweer-specialist Frank Hänsgen pakte het eerste paaltje, maar Ton de andere twee. Samen met Maurice Schonk waren zij de enige stuurmannen die drie keer bij de eerste tien konden varen. De rest van het veld wapperde heen en weer in het klassement. Ook uitslagen van vijfentwintig plus bleken voor de toppers heel normaal. De latere kampioen Bart van den Hondel begon met een 27ste plaats, en hij was lange tijd niet de enige. Het was een voorbode van een serie met sterk wisselende uitslagen, wat bewijst dat het veld compact en sterk was. Opvallend was dat met weinig wind onze Duitse vrienden sterk presteerden. Dat kon niet iedereen zeggen: de schrijver dezes, duidelijk het soepel bewegen in de boot ontwend, begon met nog vier man achter zich in het klassement. Een lesje in nederigheid is goed voor ieders ego.
De avond stond in het teken van een gemeenschappelijk diner en de vriendschappelijke Nederland-Duitsland voetbalwedstrijd op TV. Het werd een spectaculair gelijkspel, waar we allemaal vrede mee hadden. De vrijdag stond voor de deur met iets meer wind, maar weer een vierde start erbij. Het zou wederom een lange dag op het zoute water worden.
Nadat de eerste wedstrijd haperend op gang kwam — die PIN moest in vijf pogingen worden bijgehaald omdat de wind bleef draaien en het veld druistig en onstuimig was — kwam het systeem op gang.
Het werd een mooie en behoorlijk vlekkeloze serie. Een beetje zitten, weinig hangen, maar gelukkig geen windgaten. De uitslagen bleven wisselend. Nu was het de beurt van Ton om twintig plus scores neer te zetten. Frank Hänsgen bleef sterk presteren, terwijl Bart van den Hondel (ONK- en EURO-winnaar 2025) en Wessel Kuik (ONK Sprint- en EURO-winnaar 2026) de strijd aangingen en drie van de vier paaltjes onder elkaar verdeelden. Uiteindelijk stond het podium er toch bij zoals je het van tevoren kon verwachten. Enkel Martin Lehner (IDM-winnaar 2026) kwam niet helemaal op zijn niveau, maar hij was zeker niet de enige. Grevelingen zag er vriendelijk uit, de zon scheen heerlijk, maar de strijd was hard.
Die les had Wolfgang Hofener (GER 55) al eerder ondervonden. Deze achtvoudige ONK-winnaar in de Ojol, meer dan wie dan ook, was in het verleden bijna onverslaanbaar. Maar de leeftijd en de kunstknie (een van de velen in het veld) maakten zijn rentree op Grevelingen weinig opvallend. Tot de laatste pot op vrijdag; ‘vrij en onverveerd’ voer hij voor de groep uit als eerbetoon aan zijn eigen grote verleden op het Nederlandse wedstrijdwater: chapeau!
Na een dag van negen tot vijf op het water werd het, na de gemeenschappelijke BBQ, vroeg rustig in de haven. De wind op de zaterdag nam wat toe naar 2,5-3 Bft. Martin Lehner, Maurice Schonk en Onno Yntema pakten de paaltjes. Zou Frank Hansgen, net als in 2023, het vast kunnen houden? Nee, het werd uiteindelijk niet zijn dag. In het dagklassement kwam hij niet verder dan plek 29, waarbij hij ook nog een doorschuifprotest moest incasseren. Maar: een derde podiumplek bleef staan. Goed gevaren dus! Ook Bart en Wessel hadden geen hele goede dag, maar de punten bleven voldoende om uiteindelijk Bart, net als in 2025, tot de verse Nederlands Kampioen te kronen. Wessel was uiteindelijk echt niet ontevreden met zijn tweede plaats. Beide mannen kunnen volgend weekend op Loosdrecht de Olympiajol eer gaan verdedigen tijdens de Primus Inter Paris 2026. Een jong podium dus, met een gemiddelde leeftijd van 44 jaar! Dubbel mooi!
Naast de strijd om het podium was het genoegen voor velen niet minder groot. Het was uiteindelijk een heerlijk kampioenschap waarbij je eigenlijk weinig anders kon dan ervan genieten. Sommige zeilers hadden bijzondere redenen om te glimlachen. Neem bijvoorbeeld de IOU-voorzitter Siep Schukken die voor het eerst zijn PD Racer had geruild voor een nieuwe MK II. Hij presteerde tot ver boven zijn eigen verwachtingen, en de glimlach was op zijn gezicht gebeiteld. Maar deze enige ONK-bademeister werd te enthousiast toen hij aannam dat hij ook geen hangbanden meer hoefde te gebruiken tijdens het hiken. Of neem Fred Donk-Linschoten: elke laatste dagwedstrijd was hij verdwenen om op de kade, met een glimlach bier, pinda’s en vers gesneden worst, te begroeten. Of neem de partners: een actief en creatief programma. Die hadden zich al niet verveeld maar nu helemaal niet. Dan is er nog Jan van Amerongen, die dit jaar nauwelijks had kunnen varen, maar afgetraind en met een fitte geest aan de start verscheen en prima presteerde! En ook de schrijver dezes, die slecht begon maar het laatste dagklassement aanvoerde. Dat deed wonderen voor de moraal!
Het was dus een geslaagd evenement. Jeroen Mickers, als chef de equipe van het ONK ’26, heeft vast vaak gedacht dat alles een beetje mee moet zitten. Want er zijn genoeg afhankelijkheden: op Grevelingen moet je alles importeren, inclusief de wedstrijdleiding en het protestcomité. En een maandje na die prachtige EURO in Como was het de vraag hoe groot het veld zou zijn en vooral: zouden de weergoden ons goedgezind zijn?
Vloot Zuid kan tevreden zijn: er is uitstekend werk geleverd! Complimenten en dank aan iedereen die dit kampioenschap mogelijk heeft gemaakt!

